tellen kan ‘ie

ZoonS.

Jongste Zoon moet erg wennen aan groep 3. Hij wil niet naar school, en ‘s avonds wil hij niet slapen. Of althans, hij zegt dat hij niet kan slapen. Keer op keer komt hij zijn kamer uit. 

- Doe je ogen eens dicht, vraag ik hem terwijl ik op de rand van zijn bed ga zitten.

- Ik kan toch niet slapen!, protesteert hij.

- Dat weet ik, maar je moet eens goed kijken. Met je ogen dicht. Zie je die groene wei, vol met sappig gras? Daarboven een mooie blauwe lucht, de zon die schijnt, een paar kleine witte wolkjes? In het midden van die wei staat een houten hekje. Moet je opletten. Van links komen er allemaal schaapjes aanlopen. Eentje springt over het hek, en nog één… Ze springen allemaal om de beurt over het hek. Het zijn er een heleboel. Als jij die schaapjes telt, vertel je me morgen hoeveel het er zijn. OK?

Het werkt. Die avond komt Jongste Zoon niet meer z’n bed uit.

De volgende ochtend ben ik bezig in de badkamer, de schaapjes allang weer vergeten. Komt Jongste binnen:

- 600!

ouderwets gebroken nacht. maar wel gezellig

ZoonS.

Echtgenoot is een weekend van huis, en op een zonnig ogenblik stem ik in met het voorstel dat Oudste en Jongste Zoon die nacht bij mij in het grote bed mochten slapen.

Het zou voor het eerst zijn, want toen ze nog heel klein waren, hebben we dat met allebei ooit max een halve nacht volgehouden – gek werden we van het gesjravel.

Nu mompelt Jongste Zoon vragend terug wat ‘sjravelen’ is, als ik hem tot rustig liggen maan. Dan ligt er een been over me heen, dan krijg ik een hand in m’n gezicht. Zo’n lekker kleuterhandje weliswaar, maar het slaapt niet.

Om half twee draag ik hem naar zijn eigen bed, en hij laat het nog toe ook.

Oudste Zoon ligt tenminste stil. Nou ja, hij komt wel steeds op mijn helft. En vraagt om half zes of het al bijna tijd is. En om half zeven moet hij plassen. En vervolgens blijft ook hij liggen draaien. Beneden staan tenslotte gevulde schoenen. Hoopt hij.

Afijn, om half acht keert de rust weder. Blij met hun schoencadeautjes kruipen ze allebei weer naast me. Ze mogen op de iPad Tom & Jerry-
filmpjes kijken. Zo kan ik nog even slapen. Sylvia Witteman zou me begrijpen.