geprikt

KiekjeS., ZoonS.

negenjaarsprikken

Ik kijk door m’n lens naar het opgewekte koppie dat vrolijk praat met een dame met een spuit in haar hand.

Hij vindt het heus wel spannend.

Maar hij doet z’n best.

De twee kinderen die vóór hem aan de beurt waren, krijsten respectievelijk brulden zo dat ik zou snappen dat alle volgende kinderen rechtsomkeert wilden maken.

Ik kijk over m’n camera heen, terwijl ik de lens gefocust houd. En dan zie ik dat ze hem van twee kanten tegelijk te grazen nemen.

negenjaarsprikken

Mijn mannetje! Mijn Jongste Zoon!

Ik voel een getemde vorm van wat ik voelde toen Oudste Zoon zijn eerste prik kreeg, de hielprik. Ik hield dat o zo kleine mannetje tegen me aan. Voelde een schok door zijn hele lijfje op hét moment.

Ik was drie dagen moeder, en op dat moment ontbrandde een gorilla-achtig oermoedergevoel.

Niemand. Maar. Dan. Ook. Níemand. Zal. Mijn. Kind. Pijn. Doen.

Inmiddels hebben we een bescheiden dosis pijntjes gehad. Meestal ongelukjes, zelden aangedaan. En die inentingen, die zijn gewoon nodig.

Maar het beeld van die naalden in die armpjes…

niet eerlijk

ZoonS.

Oudste Zoon vertelt over zijn dag op school.

- We leren vanalles over techniek. We hebben letters in een plastic bordje gevacuümd, stickers gemaakt, met laser kunststof uitgesneden, én er was een 3D-printer, en kijk, daar heb ik deze toren mee gemaakt!!

Jongste Zoon zit er steeds stiller bij.

- Wat doet jouw klas met het thema techniek, schat?

Mokkend:

- Wij gaan wasknijpers beschilderen.

fi krabbel categorie zoons

koprol

ZoonS.

Apparaten waar ik niks mee kan of wil zo ver ik kan kijken. Hoewel ik dan weer wel niets liever zou willen dan één keer een flinke aanloop op de lange trampoline en dan met een grote boog landen in de schuimblokkenbak – een woord met tot de verbeelding sprekende klank van ‘kauwgomballenboom’.

Ik zit comfortabel achter glas met een boek. En heb net op tijd door dat ik de beweging-foto kan maken waar Jongste Zoon om vroeg.

turnles - beweging - #wvmjc

fi krabbel categorie zoons

mascotteactie

ZoonS.

- Mam, we hebben iets wat wij heel leuk vinden en jij helemaal niet! Kom eens kijken!, daagt Jongste Zoon me uit.

mascotteactie

Spaarkaarten van Albert Heijn, om te sparen voor een pluchen FC Utrecht-mascotte. OMG, alsof ze niet al (meer dan) genoeg knuffels hebben.

- Weet je wat, zeg ik opgewekt, als er zo’n knuffel in huis komt, zetten we hem op de weegschaal, en dan doen we een zelfde gewicht aan oude knuffels weg.

echtgenoot kijkt vanuit de verte verschrikt op – ben ik echt zo gemeen?

- Prima hoor, zegt Jongste Zoon nog opgewekter, dan doe we jou weg, en dan kunnen er weer héél veel nieuwe knuffels bij!

fi krabbel categorie zoons

citaten van vrijdag 14 februari 2014

ZoonS.

aan de ontbijttafel

- Mam, kaas snijden, zegt Oudste Zoon.
- Hoe vraag je dat?
- Wil je alsjeblieft kaas voor me snijden?
- Tuurlijk schat, met liefde, antwoord ik.
- Je kunt het beter doen met de kaasschaaf, reageert Oudste Zoon.

- We kunnen wel in een comedyserie, zeg ik monter (de scènes over gemopper over boter die niet in het midden teruggezet wordt en omgevallen glazen melk in gedachten al schrappend).
- Met steeds dezelfde grappen dan toch, schampert Echtgenoot.
- Ha, roept Jongste Zoon, dat is een nieuwe!

(De metliefdegrap ontstond jaren geleden, toen Jongste Zoon nog niet zelfstandig naar de wc kon.
- Mam, wil je m’n billen afvegen? riep hij dan.
- Tuurlijk schat, met liefde, was ooit voor de eerste keer mijn antwoord. Waarop Oudste Zoon zei:
- Je kunt het beter doen met wc-papier.)

voor school

De rugzak van Jongste Zoon gaat niet helemaal dicht, wegens een grote hoeveelheid bekers, trommels en gymspullen.
- Maar hij moet wel dicht, zegt Jongste Zoon, anders komen er op school als hij aan de kapstok hangt ratten in.
Er brandt opeens een lampje boven zijn hoofd.
- Hé, maar ik wil juist een rat!

na school

- En toen sloeg B. me met een muis van de kjompoeter!, vertelt Jongste Zoon.
Zóóó blij dat ik dat weer meen te horen.
- Muis van wat?, probeer ik.
- Kjompoeter, herhaalt hij, en voegt daar bozig aan toe:
- Schattig hè.

fi krabbel categorie zoons

gezellig samen spelen anno 2014

ZoonS.

140911a

- Hé, een spin!
- I love spiders. Hé, een creeper en een kip.
- Kippie, uit de weg, het is gevaarlijk! Lief kippie… Buskruit! O, kippie dood…
- Daarachter zit een spin maar eerst de creeps.
- We krijgen wel veel aarde.
- Nog een spin.
- En een zombie.
- Ik heb niks.
- Ik heb alles.
- Daar heb ík wel voor gezorgd!
- Je moet altijd zigzaggen bij skeletten.
- Eens kijken, we gaan weer naar het strand, OK?
- Zal ik voorop gaan?
- Hé, een zombie.
- Ik sloeg, dus je loopt in de weg. Het is heel handig als jij voorop gaat.
- Kom, kom je mee?
- Erop af.
- Ja. Twee buskruit!

20140122a

woordpakketten

ZoonS.

20140122a

Jongste Zoon oefent zijn woordpakketten. Echtgenoot helpt hem met de bijvoeglijke naamwoorden:

- Een woord dat iets zegt over een ander woord, eindigt op -e. Behalve als het een materiaal is, dan eindigt het op -en. Nu gaan we het proberen. Hoe spel je ‘vette’?

- V-e-t-t-e-n, beredeneert Jongste Zoon.

Tuurlijk: een vetten oliebol. Uhhuh. Bij ‘witte’ is het duidelijk. Maar dan.

- Hoe spel je ‘stoffige’?

- S-t-o-f-f-i-g-e-n. Want stof is een materiaal.

- Bij ‘stoffig’ ligt er stof op, maar is het niet van stof, leg ik uit. Bij ‘gouden’ is het duidelijk. Een gouden ring.

- Nou, bij een ring is het altijd een legering, is het weerwoord van Echtgenoot.

Juf, wilt u volgende keer behalve de woordpakketten ook de regels meegeven, voor de ouders? :-)

20131205-211516.jpg

donderdag 5 december 2013

DagelijkS., ZoonS.

Pakjesavond begint met een hemel waar je u tegen zegt. Zo één waarvan je in de zomer zegt dat Sinterklaas in Spanje pepernoten aan het bakken is. Hij is niet van mij, maar bekijk vooral deze prachtige foto.

Op school komt Sinterklaas aan per motor.

Met een staf van de firma Duurkoop uit Groningen.

20131205-211516.jpg

En thuis, o, daar wacht ‘s middags een verrassing voor Oudste en Jongste Zoon. Ze dénken dat ze eerst gewoon gaan spelen en dat dan opeens de bel gaat en dat er dan een zak voor de deur staat. Maar als we met z’n vieren thuiskomen…

20131205-211522.jpg

Wat volgt: scheurend papier, enthousiaste kreten en vooral: blije snoetjes.

Gelukkig. Want een jaar terug hebben we nog twee gelovigen, en sinds twee weken nul. Gaan we volgend jaar aan de surprises?

fizoons

groot denken

ZoonS.

Groot denken is iets wat ik eigenlijk pas de laatste jaren geleerd heb.
Groot denken, klein doen.

Mijn kinderen lijken het adagium zonder woorden meegekregen te hebben.

Oudste Zoon wil DJ worden, dus Armin, geniet er nog maar van zo lang het kan.

Vanmiddag zit ik met beide zoons naar de highlights van de show Armin Only Intense te kijken – pardon: ik zit, zij springen -, zien we opeens twee dansers gebruikmaken van een verborgen trampoline, wat een prachtig effect heeft.

Jongste Zoon zit sinds kort op turnen…

- Dat mag jij later wel bij mij op het podium komen doen!, zegt Oudste Zoon royaal.

Daar denkt Jongste anders over:

- Man, dan hang ik zelf aan de rekstok bij de Olympische Spelen!

 

fizoons

zeg op. is ‘ie echt?

ElderS., S., ZoonS.

De tweede akte van De Ontmijtering valt mij ten deel. Ik haal Jongste Zoon op bij een elf maanden ouder vriendje – ik denk dat die twee de oudste en de jongste van de klas zijn. Ze hebben beiden een brief voor Sinterklaas gemaakt, met het verzoek om een handtekening. En een van Hoofdpiet, en een van Pietje Paniek. Dan gaan ze ze morgen op school vergelijken. Of het wel dezelfde handtekeningen zijn. Of… dat wij die geschreven hebben…? Hij kijkt me uitdagend aan.

- W-waarom zouden wij die schrijven?

- Omdat Sinterklaas niet bestaat?, vraagt Jongste.

Ik maan hem zijn schoenen aan te doen. Intussen pakt het vriendje in kwestie een iPad en googelt in no time een hele trits foto’s van Bram van der Vlugt en Stefan de Walle bij elkaar, met en zonder mijter en de rest.

Ik zeg Jongste dat hij zijn jas moet aandoen en neem hem mee.

Op de fiets zegt hij dat alle kindjes van zijn klas zeggen dat Sinterklaas niet bestaat.

- W-wie hebben we dan afgelopen zaterdag tijdens de intocht gezien?

- Een acteur.

Hij klinkt boos.

Ik stap af.

Twee prachtige bruine ogen, ietwat nat, kijken me aan.

- Mam. Zeg op. Is ‘ie echt? Is ‘ie echt?!

Ik heb zo tegen mezelf gezegd dat ik niet ga liegen.

Ik kijk hem ernstig aan en vraag:

- Mag ik… liegen…?

- Dan weet ik het al.

Groot Verdriet.

Biggelende Tranen.

Hij is verdrietig omdat hij het als laatste weet. Maar vooral omdat Sinterklaas niet bestaat.

- Het was zo’n mooi sprookje!!

- Ja lieverd, en dat is het nog steeds. Ik geloof er zelf ook nog heel graag in. En dat mag jij ook blijven doen! Het is zo leuk om je voor te stellen hoe die Zwarte Pieten op het dak… Zoals in dat boek met die mooie tekeningen… Dat is precies zoals ik het me als kind voorstelde…

We moeten ook nog naar de supermarkt, daar waren we op weg naartoe. Na de appels, mandarijnen en tomaten zie ik ‘wortels’ op mijn lijstje staan. Eh…

- Wortels?, vraag ik.

- Waarvoor?

- Voor het paard…

- Toch doen, zegt hij ferm.

Ik leg een zak wortels in de kar.

Na de rest van de boodschappen, na het afrekenen, weer buiten bij de fiets, vraagt hij:

- Eten jullie die wortels ‘s nachts dan op?

Ik schud mijn hoofd.

- Kiki. Tot vorig jaar…

Och hemel, rakel ik dat verdriet ook nog op.

Tijdens het fietsen leg ik mijn hand in zijn nek, ik wil niets liever dan hem troosten.

- Kan ik iets voor je doen? Heb je nog vragen?

- Hoe kan de zak opeens voor de deur staan?

Ook dat leg ik hem uit. En dan zijn we thuis.

Ik mag niks tegen zijn grote broer zeggen.

[ Dit stukje verscheen ook op oudersonderling.nl ]

 

geen kleine kindjes meer

ElderS., S., ZoonS.

Posted using Mobypicture.com
Ben ik twee dagen weg voor m’n werk en ja hoor, weer een mijlpaal gemist. Aan het begin van de lunch check ik mijn mail en daar lees ik het. Het bericht van Echtgenoot, dat Jongste Zoon vanochtend vroeg of Sinterklaas wel echt bestaat of dat wij de cadeautjes kopen.

Ik slik.

Echtgenoot speelde de wat-wil-je-zelf-geloven-kaart van vriendin H. Jongste Zoon bleef twijfelen, omdat kinderen in de klas zeiden dat hij niet bestaat.

Oudste Zoon weet het pas een half jaar, we hadden zo gehoopt dat Jongste Zoon dit jaar nog zou geloven en Oudste Zoon één keer in het complot mocht zitten. Daar verheugde hij zich zo op. Dat híj een keer ‘toevallig’ boven zou zijn als plots de voordeurbel ging zonder dat er iemand te zien was.

Ik snuit mijn neus.

De gesprekken van collega’s volg ik maar half. Ik zit in gedachten verzonken. Die stomme zwartepietendiscussie ook. Ik wist dat de vraag kon komen, en toch overvalt hij me.

Ik heb opeens geen kleine kindjes meer. Jááá, ik heb ze goddank nog wel, maar ze zijn nu niet meer écht klein. Ik voel me plots drie jaar ouder.

En ik was nog aan het werk ook op het moment suprême. Ik werk met veel plezier, maar dit moment missen is zo’n offertje dat er dan af en toe bij hoort.

Als ik na de lunch m’n jas pak, heb ik natte ogen het ff moeilijk.

- Niks heel belangrijks, zeg ik tegen m’n baas, die me ziet. Ik vertel hem wat er vanochtend thuis is gebeurd.

- Het is wél belangrijk!, zegt hij.

Dat doet goed. Net als de boks die ik krijg van een andere collega.

Weer thuis blijkt het geen onderwerp van gesprek meer te zijn. Misschien gaat Jongste Zoon wel weer geloven als het Sinterklaasjournaal begint.

Het einde van een tijdperk is hoe dan ook nabij.

Dat kinderzitje moet ook maar eens van m’n fiets.

[ Dit stukje verscheen ook op oudersonderling.nl ]

fizoons

schouderblaadje

ElderS., ZoonS.

We fietsen naar huis, na een lange dag. Hij is moe. Hij is nog maar klein.

Hij raakt achterop. Ik houd in. Ik steek mijn rechter arm naar achteren.

Hier, kom maar, ik wacht op je, ik neem je mee.

Hij komt naast me. Ik leg mijn hand tegen zijn linker schouder.

Toch is hij al groot: hij fietst al lang zelf. Maar ‘t blijft m’n kleine jongen. Blond en tenger. De beentjes in dat spijkerbroekje draaien rond. Z’n Nikes duwen op de trappers.

Ik voel z’n schouderblaadje door z’n jas heen. Het voelt zo klein, zo kwetsbaar. Zodra het in m’n hand ligt, fietst hij makkelijker. Weet ook hij zich met mij verbonden.

Ik duw wat harder, hij gaat wat sneller.

Hij wil turner worden. Een glimlach verschijnt om mijn mond. M’n hand voelt bot. Lief bot.

Straks zijn z’n schouders twee keer zo breed, en is dat schouderblad verpakt in een bundel spieren…

[ Dit stukje verscheen ook op oudersonderling.nl ]

dierbaar ritueel

ElderS., S., ZoonS.

BumbaluAls Jongste Zoon net in bed ligt, speel ik altijd nog even Bumbalu. Dat wil zeggen, ik pak knuffel Bumbalu in mijn hand, zet een gek stemmetje op, en laat Bumbalu vanalles vragen over Jongste Zoons dag.

- Heeeeee Jongste Zoon!, roept Bumbalu enthousiast zodra Jongste tussen de lakens kruipt. Hij snuffelt in Jongstes nek.

- Wat ruik ik? Chloor?, wil Bumbalu weten.

Jongste lacht:

- Ja, ik ben naar zwemles geweest!

- En wat heb je op school gedaan? Spelling?

Bumbalu is, ondanks dat hij de hele dag in z’n uppie (nou ja, met tig andere knuffels) doorbrengt in het bed van Jongste Zoon, altijd opvallend goed op de hoogte van de gang van zaken in en rondom huize StukjeS.

- Logisch!, schatert Jongste, op school doen we altijd spelling, taal en rekenen.

- Spelling én taal? Spelling ís toch taal?, vraagt Bumbalu.

- Taal is schrijven en spelling is leren schrijven.

Bumbalu herhaalt deze zin en krabt op zijn hoofd.

- Hm… Daar moet ik even over nadenken.

- Spelling is bijvoorbeeld verkleinwoorden!, roept Jongste Zoon, die helemaal in het spel opgaat. Hij legt Bumbalu voor:

- Broodje. Hoe schrijf je broodje? Met een d of met een t?

- Met een d, antwoordt Bumbalu zonder aarzelen.

Plots draait Jongste zijn hoofd naar mij:

- Is dat zo, mam?

Ik knik bevestigend, en Jongste wendt zich weer tot Bumbalu om zijn gesprek met hem voort te zetten.

Dat moment, waaruit blijkt dat hij mij en zijn knuffel echt even als verschillende personen ziet, dat is zo oprecht, zo heerlijk, zo rijk… Het duurt vast nog maar even, hij is tenslotte zeven…

[ Dit stukje verscheen ook op oudersonderling.nl ]

fizoons

moderne tijd

ZoonS.

Aan tafel. We hebben het over de ontstaansgeschiedenis van veel steden, bij een doorwaadbare plaats in een rivier. Als ik over Parijs begin, onderbreekt Oudste Zoon me:

- Ik ken het verhaal van de kathedraal! Dat was eerst een kleine kerk, maar die is geüpgraded.

Ik schiet in de lach. Hij:

- Ja, zo heet dat in de moderne tijd!

toekomstbeeld

S., ZoonS.

Chocoladetaart #makingofNa een weekend dat culinair gezien behoorlijk goed uitvalt (met ‘supersonische Sarafrietjes en superchocoladetaart’ – ik citeer), heeft Oudste Zoon het aan tafel over het jacht dat hij later zal hebben, als hij DJ is. Intussen prikt hij de laatste kruimels chocoladetaart van zijn bord.

- Als de kok dan maar net zulke lekkere frietjes en chocotaart maakt als ik, zeg ik, terwijl ik mezelf al op het achterdek zie liggen met een chardonnaytje in m’n ha..

Mijn droom wordt bruut verstoord:

- Jij bént de kok!

fizoons

een áppel, dude!

TweetS., ZoonS.


camping jardinië

KiekjeS., S., ZoonS.

Kampeerheimwee. Ja, dat bestaat. Ik heb het. Ik mis het gevoel van de buitenlucht in m’n neus, op m’n huid, gras en zand aan m’n voeten. Dus spelen we campinkje in de tuin: koffiedrinken, lezen – nadat we alle kampeerspullen weggewassen en -geborgen hebben.

hortensia

Oudste Zoon heeft nog geen nacht in z’n eigen bed geslapen. Sinds de dag dat we terug zijn van vakantie, slaapt hij in een tentje. De derde nacht vergezel ik hem, nadat ik twee nachten heb liggen woelen in een benauwde slaapkamer op een te hard matras. Ik verlang naar slapen in de buitenlucht op een luchtbed van €30!

tent in de tuin

De volgende avond neemt Jongste Zoon mijn plek over.

De maan waakt over hen.

maan

schrijfzin

KiekjeS., S., ZoonS.

Na nog geen twee hoofdstukken móet ik naar de Intermarché. Schrift kopen, stiften. En dan: schrijven! Op m’n campingstoel, languit op een kleed, n’importe où.

Ook Oudste Zoon waagt zich aan het eerste hoofdstuk en gaat ijverig aan de slag.

schrijver in de dop. eh, beek
schrijver in de dop. eh, beek

Lust in m’n leven heb ik al, maar nu ga ik ook nog be-woest door m’n vakantie. Dankzij het boek van @thekinkybuddhst dat ik jullie allemaal voor je verjaardag ga geven.

fizoons

geschiedenis van donald duck

S., ZoonS.

- Heb je ook de inleiding van dit Donald Duck-album gelezen?, vraag ik aan Jongste Zoon, dan leer je ook wat over de geschiedenis van Donald Duck.

Hij dartelt alweer weg. En roept zijn kennis over zijn schouders naar ons:

- De meeste Donald Ducks zijn in 1986 gemaakt!

Echtgenoot, de oorspronkelijke eigenaar van die jaargang: ‘Ja, die jij hebt wel!’

fizoons

smoes

ZoonS.

Oudste Zoon weet niet hoe snel hij zich moet aankleden en wat borden op tafel mikken (bij wijze van zijn bijdrage aan de voorbereiding van het ontbijt). Meteen daarna ploft hij op de bank met zijn iPod. Als hij aan tafel moet komen, duurt het eeuwen voordat hij de uitknop heeft gevonden.

Maar vandaag heeft hij een ijzersterke smoes:

- Mam, weet je waarom ik zo veel zit te iPodden? Omdat ik dan straks voor de opdracht van vandaag het symbooltje van de lege batterij kan fotograferen.

zelfgemaakt – #synchroonkijken – dag 2

KiekjeS., S., ZoonS.

Iets wat je zelfgemaakt hebt, luidt de opdracht vanochtend. Werkelijk, ik geloof dat er geen dag in mijn leven is geweest waarop ik zo weinig zelf gemaakt heb. Als je input voor een powerpointpresentatie niet meetelt, maar hé, mijn fotografielat ligt wel íets hoger dan dat.

Intussen weet Jongste Zoon precies wat híj wil fotograferen – ja, #synchroonkijken is besmettelijk!

#zelfgemaakt #synchroonkijken @jongstezoon

Vooruit! De daglichtdeadline dringt!

En dan weet ik wat ik vanochtend zelf gemaakt heb. Oogschilderijtjes.

#zelfgemaakt Ochtendritueel: oogschilderijtjes #synchroonkijken

fizoons

loslaten in stappen – en de stappen worden steeds groter

S., ZoonS.

O jongens, wat gaat het hard met die jongens. Zó liggen ze veilig in wieg of box, zó dool je op zondagmiddag in en om je huis, zonder je zoons onder je vleugels, maar met je ziel onder je arm. #jeisik

Ik zie ze nog op hun loopfietsjes sjezen, hier veilig voor het huis. Eén blik uit het raam volstaat om op de hoogte te raken van het welzijn van mijn zoons. Dan mogen ze de hoek om, op de stoep. Dan spelen op straat.

Elk begin van de zomer zijn we in ene húp een fase verder. Met Jongste Zoon gaat dat stiekem nog sneller dan het met Oudste Zoon ging.

Jongste Zoon gaat sinds kort wel eens naar een vriendje één straat oversteken. Nu ook weer, en we hebben niet eens een tijd afgesproken. Ik moet me inhouden om niet bij elke voorbijrijdende auto te kijken of Jongste niet toevallig net dán op de terugweg is.

En Oudste Zoon, hemel, die gaat vanmiddag om drie uur opeens met een paar vriendjes naar een speeltuin verderop. Op de fiets. Paar straten (niet druk), een fietspad oversteken (overzichtelijk), langs water (hij heeft z’n B en is bezig voor C). (Tussen haakjes praat ik tegen mezelf.) Om half vier moet hij thuis zijn.

Keek ik jarenlang uit naar weer eens de krant kunnen lezen op zondagmiddag, nu realiseer ik me, en ik voel het in m’n maag, dat dit natuurlijk nooit meer overgaat. Straks gaan ze alleen naar de middelbare school, alleen naar de stad, uit, weg… En als ze kinderen krijgen, hoop ik dáárvan natuurlijk ook dat ze elke keer weer veilig thuiskomen…

Zoals opa J. me net aan de telefoon opmontert: ‘Het enige waarvan je zeker weet dat het thuisblijft, is de was.’

Terwijl ik daar om nagrinnik, gaat de voordeurbel. Daar is Oudste Zoon.

- Ik moest toch om half vier thuis zijn?

- Het is half drie…

- Huh? O ja!

- Ah joh, dan ga je toch nog lekker een uurtje terug? hoor ik mezelf opgewekt zeggen.

Ik leer het wel. En anders doe ik alsof.

[ Dit bericht verscheen ook op oudersonderling.nl ]

fizoons

eh… hoeveel nerfs heeft een jongen van 9 nodig…?

ZoonS.

Oudste Zoon praat al dagen over een veel te dure Nerf die hij wil kopen. En hij heeft al een nerf.

Samen kijken we op beslist.nl waar de Nerf in kwestie het minst duur is. Ik mompel iets over geen verzendkosten bij bol.com bij bestellingen van boven de €20.

  • Wat?! Dat is handig!, roept Oudste Zoon uit. Alle Nerfs kosten meer dan €20, dus elke Nerf die ik wil kopen wordt dan gratis verzonden!!
fitweets

avondvierdaagse – dag 3

TweetS., ZoonS.










fizoons

generatiedingetje

S., ZoonS.

Ik loop met Jongste Zoon langs een kledingrek in een winkel in de stad.

  • Je mag geen hippe dingen kopen hoor, hoor ik opeens naast me.

Okeeee, dan kom ik wel een keer terug zonder jou, denk ik.

Maar hij komt aan.

Een vriendin adviseert me toch eens door te vragen.

  • Zeg, waarom mag ik geen hippe dingen kopen?, probeer ik de volgende dag voorzichtig.

  • Omdat je niet hip bent.

Juist…

  • Enneh… Hoe komt het dat ik niet hip ben?

  • Omdat je al 40 jaar uit de buik bent.

Da’s best een sympathieke formulering, denk ik, maar Jongste Zoon was nog niet klaar:

  • Ik mag niet zeggen dat je oud bent. Ópa is oud.

Zo. Die ook een veeg uit de pan.

fizoons

tegen elk aannemelijk bod

S., ZoonS.

Aan het ontbijt. Voorzichtig begin ik tegen Jongste Zoon dat ik 37 knuffels in zijn bed – jawel – te veel vind. Hij heeft zelf nauwelijks plaats om goed te liggen. Voortaan mag hij er nog, desgewenst bij toerbeurt, maximaal 10.

  • 10 knuffels maar?!?! roept Jongste Zoon verontwaardigd. Ik zet je op Marktplaats!!

Oudste Zoon en Echtgenoot schieten in de lach. De laatste speelt meteen mee:

  • Te koop aangeboden: tweedehands moeder, 40. Met iPad. Tegen elk aannemelijk bod.

Oudste Zoon hééft het niet meer, maar voelt ook aan dat ik wel enige troost kan gebruiken. Hij drukt een natte salamikus half op mijn mond en half in m’n neus.

In de categorie dingen-die-je-niet-bedenkt-tijdens-je-zwangerschap…

fizoons

tweets van de dag

TweetS., ZoonS.